[Event "Nationale Clubcompetitie KNDB 2026/2027"]
[Site "?"]
[Date "2026.10.03"]
[Round "2"]
[White "Stuij,Johan"]
[Black "Marczuk,Tomasz"]
[Result "0-1"]
[WhiteRating "1935"]
[BlackRating "2022"]
[PlyCount "106"]
[WhiteCountry "nl"]
[BlackCountry "pl"]
1. 32-28 18-22 2. 37-32 12-18 3. 41-37 7-12 4. 34-30 1-7 5. 31-26
19-23 6. 28x19 14x23 7. 33-28 22x33 8. 39x19 13x24 9. 30x19 9-14
10. 44-39 14x23 11. 50-44 10-14 12. 39-33 5-10 13. 44-39 14-19
14. 46-41 10-14 15. 32-28 23x32 16. 37x28 8-13 17. 41-37 2-8
18. 37-32 4-9 19. 40-34 17-22 20. 28x17 12x21 21. 26x17 11x22
22. 49-44 7-12 23. 32-27 22x31 24. 36x27 19-23 25. 44-40 14-19
26. 42-37 9-14 27. 37-31 6-11 28. 31-26 11-17 29. 48-42 17-22
30. 47-41 22x31 31. 26x37 18-22 32. 34-29 23x34 33. 40x29 19-24
34. 39-34 14-19 35. 38-32 12-18 36. 33-28 24x33 37. 28x39 8-12
38. 42-38 16-21 39. 39-33 19-24 40. 43-39 ( {[%ball] Met 40.43-39
kiest wit een plan dat de stand juist moeilijker maakt. De schijf op
43 ondersteunde de formaties, maar verliest op 39 die verbindende
functie. Daardoor worden de witte formaties aangetast en geeft wit
bovendien de controle over zijn korte vleugel weg. Kingsrow wijst op
40.34-30, waarmee wit eerst de spanning op die vleugel oplost: }
40. 34-30 3-8 41. 30x19 13x24 42. 41-36 12-17 43. 43-39 8-12
44. 39-34 20-25 {[%aall] Na 43.39-34 komt wit weliswaar in een
kortevleugelopsluiting (KVO), maar daarvoor hoeft wit niet bang te
zijn: als het nodig is, kan de opsluiting steeds met 34-29 worden
verbroken. Na 44...20-25 is de stand geheel in evenwicht. Het
leerpunt is dus niet om iedere KVO te vermijden, maar om te
beoordelen of er een veilige bevrijding beschikbaar blijft. } )
40... 18-23 ( {[%ball] Na de minder sterke witte zet 40.43-39 krijgt
Tomasz een kans om de controle over de korte vleugel over te nemen.
Met 40...20-25 kan zwart die vleugel vastleggen en vervolgens zijn
schijven via 21-26 en 12-17 naar voren brengen. In de partij volgde
40...18-23, waardoor wit tijd kreeg om de stand weer bijeen te houden
en zwart niet in het voordeel kwam. Kingsrow laat het winnende plan
zien: } 40... 20-25 41. 41-36 21-26 42. 32-28 12-17 43. 28-23 18x40
44. 35x44 13-18 45. 38-32 {[%aall] Aan het einde van deze variant
staat zwart gewonnen. Het leerpunt is dat een verzwakte vleugel soms
direct moet worden vastgelegd, voordat de tegenstander zijn formaties
kan herstellen. } ) 41. 34-30 13-19 42. 30-25 ( {[%ball] Na 42.30-25
kregen beide spelers kort na elkaar een kans om het initiatief te
grijpen. Wit kon beter eerst zijn schijven verbinden met } 42. 41-36
20-25 43. 39-34 12-18 44. 37-31 21-26 45. 31-27 22x31 46. 36x27 15-20
{[%aall] De korte vleugelopsluiting na 43.39-34 is niet gevaarlijk,
omdat wit zich zo nodig met 34-29 kan bevrijden. } ) 42... 3-8 (
{[%ball] Na de partijzet kreeg Tomasz met 42...21-26 een goede
mogelijkheid: } 42... 21-26 43. 25x14 19x10 44. 41-36 12-18 45. 39-34
10-14 46. 36-31 15-20 47. 32-27 {[%aall] Met 42...3-8 gaf zwart wit
tijd om zijn stand te herstellen. } ) 43. 25x14 19x10 44. 39-34 10-14
45. 45-40 $2 ( {[%ball] Na 44…10-14 stond Johan voor een belangrijk
keuzemoment. De rustige voortzetting } 45. 41-36 {[%aall] hield de
stand in evenwicht. Kingsrow geeft als hoofdvariant } 8-13 ( {[%ball]
op: } 45... 12-18 {[%aall] volgt } 46. 37-31 21-26 47. 35-30 26x39
48. 30x17 39x30 49. 17-11 {[%aall] Wit staat weliswaar een schijf
achter, maar bereikt snel de damlijn; daardoor blijft de stand
gelijkwaardig. } ) 46. 34-30 13-19 47. 33-29 24x31 48. 36x7 23-28
49. 32x23 19x28 {[%aall] Zwart ruimt de witte voorpost op en herstelt
de materiële balans, maar krijgt geen beslissend voordeel. Ook het
andere zwarte plan levert niet meer dan gelijkwaardig spel op: } )
{[%ball] In de partij koos Tomasz echter voor } 45... 8-13 {[%aall]
waardoor de stand in evenwicht bleef. } ( {[%ball] Met 45.45-40?
kiest Johan opnieuw voor een zet die de samenhang op zijn korte
vleugel verzwakt. Tomasz kon daarvan direct profiteren met
45...21-26. } 45... 21-26 {[%ball] Na } 46. 34-30 14-19 47. 41-36
12-18 48. 36-31 15-20 49. 40-34 20-25 50. 34-29 {[%aall] worden de
witte schijven steeds verder vastgelegd en krijgt zwart duidelijk
voordeel. } ) ( {[%ball] Ook } 45... 12-18 {[%aall] verdient
afzonderlijke aandacht. Daarna zijn er twee hoofdkeuzes voor wit. }
46. 34-30 ( 46. 37-31 {[%ball] Na het minder sterke } 21-26 $6 (
{[%ball] Na } 46... 8-13 $1 47. 31-27 22x31 48. 41-36 24-30 49. 36x16
30x37 {[%aall] gaat zwart eenvoudig winnen. } ) {[%ball] kan wit zich
daarentegen redden met } 47. 35-30 26x39 48. 30x17 39x30 {[%aall]
Juist het verschil tussen deze twee zwarte voortzettingen is
beslissend: 46...8-13! benut de zwakte volledig, terwijl 46...21-26?!
wit nog een uitweg geeft. } ) 46... 14-19 47. 37-31 {[%aall] is de
enige zet die niet verliest. De volledige variant luidt: } 21-26
48. 31-27 22x31 49. 41-36 15-20 50. 36x27 18-22 51. 27x29 20-25
52. 29x20 25x45 {[%aall] Zwart kiest voor deze afwikkeling, maar
heeft op dat moment geen betere voortzetting meer. } ) 46. 34-30
14-19 47. 37-31 $2 ( {[%ball] Met 47.37-31 bereikt de partij haar
beslissende tactische fase. Voor Johan was } 47. 41-36 {[%aall] de
veiligste keuze. Daarmee bleef de verdediging beter verbonden en kon
hij na } 22-27 48. 37-31 12-18 49. 31x22 18x27 50. 40-34 15-20
51. 30-25 21-26 {[%aall] op remise blijven spelen. } ) 47... 21-26 (
{[%ball] Na de partijzet 47.37-31 kreeg Tomasz juist een fraaie
winstkans met } 47... 23-28 48. 32x14 13-19 49. 14x23 21-27 50. 30x19
27x47 51. 38-32 47x45 52. 35-30 {[%aall] laat zien hoe zwart eerst de
witte stand openbreekt en daarna via veld 47 doorbreekt. Dat Tomasz
deze combinatie niet vond, is begrijpelijk: de eerste zet oogt als
een offer en het winnende vervolg ligt diep verscholen. Het leerpunt
is om in een open stand niet alleen naar directe slagen te kijken,
maar ook naar een voorbereidende zet die meerdere slagmogelijkheden
tegelijk opent. } ) 48. 32-27 ( {[%ball] Doordat Tomasz de combinatie
op de vorige zet niet uitvoerde, kreeg Johan nog één kans om de
partij te redden. Met } 48. 31-27 22x31 49. 41-36 {[%aall] kon hij
naar een remise-eindspel afwikkelen: } 23-29 50. 36x27 15-20
51. 27-22 20-25 52. 22-18 25x45 {[%aall] In de partij koos Johan voor
48.32-27. Waarschijnlijk dacht hij dat de schijf op 27 daarna vrij
naar dam kon doorlopen, maar daarbij zag hij de verplichte meerslag
naar veld 20 over het hoofd. Na 48...26x46 moet wit namelijk met
49.27x20 twee zwarte schijven slaan, waarna 49...15x24 de doorbraak
stopt. Het is een herkenbaar leermoment: bij een mogelijke doorbraak
moet niet alleen de eigen route naar dam worden bekeken, maar ook
iedere verplichte slag die onderweg kan ontstaan. } ) 48... 26x46
49. 27x20 15x24 50. 40-34 46-23 51. 38-32 23x37 52. 34-29 37-42
53. 29x20 42x15 0-1
[Event "Nationale Clubcompetitie KNDB 2026/2027"]
[Site "?"]
[Date "2026.10.03"]
[Round "2"]
[White "Sprangers,Ton"]
[Black "Stravers,Barend"]
[Result "1-0"]
[WhiteRating "2053"]
[WhiteTime "0.41"]
[BlackRating "1980"]
[BlackTime "0.27"]
[PlyCount "121"]
[WhiteCountry "nl"]
[BlackCountry "nl"]
1. 32-28 19-23 2. 28x19 14x23 3. 34-30 20-25 4. 31-26 25x34 5. 40x29
23x34 6. 39x30 9-14 7. 37-32 4-9 8. 36-31 18-23 9. 44-39 12-18
10. 31-27 7-12 11. 41-36 1-7 12. 50-44 14-20 13. 44-40 10-14
14. 40-34 23-28 15. 33x22 17x37 16. 42x31 18-22 17. 27x18 12x23
18. 38-32 7-12 19. 39-33 12-17 20. 31-27 17-21 21. 26x17 11x31
22. 36x27 6-11 23. 43-38 11-17 24. 46-41 13-18 25. 48-43 14-19
26. 33-28 9-13 27. 30-25 20-24 28. 34-30 8-12 29. 45-40 2-8 30. 38-33
17-22 31. 28x17 12x21 32. 40-34 5-10 33. 25-20 24-29 34. 33x24 10-14
35. 20x9 3x14 36. 32-28 21x32 37. 28x37 14-20 38. 47-42 20x40
39. 35x44 18-22 40. 30-25 8-12 41. 43-39 12-18 42. 42-38 16-21
43. 39-34 15-20 44. 25x14 19x10 45. 34-29 23x34 46. 44-39 34x32
47. 37x26 18-22 48. 26-21 22-28 ( {[%ball] Na 48.26-21 staat zwart
voor het beslissende verdedigingsmoment. Het verschil tussen de
partijzet 48...22-28 en het sterkere 48...13-18 zit vooral in de
snelheid van de eigen doorbraak. Na 48...22-28 komt zwart te laat:
Ton loopt met 49.21-17 door en Barend bereikt zelf geen dam meer. Met
} 48... 13-18 {[%aall] bereidt zwart daarentegen een doorbraak via
veld 36 voor: } 49. 21-16 22-27 50. 16-11 27-31 51. 11-7 18-22
52. 7-1 22-27 53. 1-29 31-36 54. 41-37 10-15 55. 29-34 27-31
56. 37x26 {[%aall] Wit haalt weliswaar als eerste dam, maar zwart is
precies op tijd met zijn eigen doorbraak om de remise veilig te
stellen. De praktische les is dat zwart de witte vrije schijf niet
rechtstreeks hoeft tegen te houden. Door de eigen route naar veld 36
goed te berekenen, ontstaat voldoende tegenspel. } ) 49. 21-17 28-33
50. 49-43 10-14 51. 17-11 14-20 52. 11-7 20-24 53. 7-1 24-30 54. 1-6
33-38 55. 43x32 30-34 56. 6-50 34-40 57. 50-6 13-18 58. 6-50 18-23
59. 32-27 23-29 60. 50-6 40-45 61. 6-50 1-0
[Event "Nationale Clubcompetitie KNDB 2026/2027"]
[Site "?"]
[Date "2026.10.03"]
[Round "2"]
[White "Roest,Jorrit"]
[Black "Maas,Wil"]
[Result "1/2-1/2"]
[WhiteRating "1772"]
[BlackRating "1901"]
[PlyCount "123"]
[WhiteCountry "nl"]
[BlackCountry "nl"]
1. 33-28 18-23 2. 39-33 12-18 3. 44-39 7-12 4. 50-44 1-7 5. 31-27
17-22 6. 28x17 11x31 7. 36x27 20-24 8. 33-28 14-20 9. 38-33 10-14
10. 42-38 5-10 11. 47-42 7-11 12. 34-29 23x34 13. 39x30 20-25
14. 44-39 25x34 15. 40x20 15x24 16. 39-34 18-23 17. 34-30 12-18
18. 49-44 10-15 19. 44-40 14-20 20. 41-36 20-25 21. 40-34 9-14
22. 46-41 14-20 23. 36-31 4-9 24. 41-36 8-12 25. 27-22 18x27
26. 31x22 12-18 27. 37-31 18x27 28. 31x22 11-17 29. 22x11 6x17
30. 42-37 13-18 31. 34-29 25x34 32. 29x40 9-13 33. 37-31 3-8
34. 31-27 17-21 35. 43-39 20-25 36. 28-22 24-30 37. 35x24 19x30
38. 48-43 30-34 39. 40x29 23x34 40. 39x30 25x34 41. 32-28 ( {[%ball]
De doorstoot van Wil Maas naar veld 34 kan worden gezien als een
lokzet. Het lijkt aantrekkelijk om het zetje te nemen met 41.32-28?,
maar juist dat mag Jorrit niet doen. Na 41...21x23 krijgt zwart de
stand stevig in handen en is wit verloren. De juiste reactie was het
rustige } 41. 36-31 {[%aall] Kingsrow laat zien hoe wit daarmee de
samenhang bewaart: } 21-26 42. 33-28 26x37 43. 32x41 15-20 44. 27-21
16x27 45. 22x31 20-24 {[%aall] Wit laat de lokzet dus ongemoeid,
ruilt op een gunstiger moment en houdt zijn schijven goed verbonden.
Aan het einde van deze variant is de stand geheel in evenwicht. Het
leerpunt is helder: een aangeboden zetje hoeft niet te worden
genomen; kijk eerst welk vervolg de tegenstander ermee heeft
voorbereid. } ) 41... 21x23 42. 33-29 18x27 43. 29x9 8-13 44. 9x18
2-8 45. 38-33 27-32 46. 36-31 15-20 47. 31-27 32x21 48. 33-28 21-26
49. 28-23 20-24 50. 43-38 26-31 51. 18-12 8x17 52. 23-18 31-36
53. 18-13 36-41 54. 13-8 41-46 ( {[%ball] In het eindspel gelden
andere principes dan in de opening en het middenspel. Daar is het
centrum vaak sterk, maar in een dammeneindspel staan de schijven
juist veiliger langs de rand. Zwart had daarom niet meteen dam moeten
halen met 54...41-46, maar eerst } 54... 24-30 {[%aall] moeten
spelen: } 55. 8-2 30-35 56. 2-24 17-21 57. 24-13 41-47 58. 38-32
47-41 59. 32-27 {[%aall] Met 24-30 wordt de zwarte schijf uitstekend
naar de rand gedirigeerd en blijft de witte dam met meerdere
dreigingen belast. In de partij lukte dat niet meer, omdat zwart na
het directe damhalen te laat kwam. Het leermoment is daarom helder:
dirigeer in het eindspel de schijven naar de rand en wil niet te snel
dam halen. } ) 55. 8-3 34-39 56. 3x26 39-44 57. 26-8 24-29 58. 8-35 (
{[%ball] Met 58.8-35? maakt Jorrit een beslissende eindspelfout;
vanaf dat moment is de stand analytisch verloren. In zo’n
dammeneindspel is vier vijandelijke stukken — schijven en dammen
samen — een gevaarlijke hoeveelheid materiaal. Lukt het om één stuk
af te ruilen en de tegenstander tot drie stukken terug te brengen,
dan is de stand nagenoeg altijd remise. Daarom moest wit hier niet op
activiteit mikken, maar onmiddellijk de zwarte schijf op 29 van het
bord halen. Kingsrow geeft } 58. 8-17 44-49 59. 17-33 49x32 60. 33x24
{[%aall] Ook 58.8-12 volgt hetzelfde plan en valt schijf 29 direct
aan. Het echte leerpunt is dus: zoek in een moeilijk dammeneindspel
eerst naar een ruil die het vijandelijke materiaal tot drie stukken
terugbrengt; daarmee wordt de remise vaak veiliggesteld. } )
58... 44-50 59. 45-40 50-39 60. 35-8 39-50 ( {[%ball] Hoewel de stand
na 58.8-35? analytisch verloren was, kreeg Jorrit na 60.35-8 nog één
kans om remise te maken. Wil moest die mogelijkheid uitschakelen door
zijn dam naar veld 48 te brengen: } 60... 39-48 61. 8-13 46-28
62. 40-35 29-34 63. 13-18 34-39 64. 18-40 28-41 {[%aall] Vanaf veld
48 snijdt de zwarte dam de witte dam beter af. Daarna komt ook de
tweede zwarte dam via 46-28 actief in het spel, terwijl de schijf op
29 ongestoord naar 34 en 39 doorloopt. Wit kan niet tegelijk deze
schijf tegenhouden en beide zwarte dammen controleren. Met de
partijzet 60...39-50 gaf Wil Jorrit echter precies de ruimte om via
61.8-26 en 62.26-48 alsnog remise te bereiken. Het leerpunt is dat
een gewonnen stand soms nog één nauwkeurige zet vraagt om de laatste
verdedigingskans weg te nemen. } ) 61. 8-26 50-45 62. 26-48 1/2-1/2
[Event "Nationale Clubcompetitie KNDB 2026/2027"]
[Site "?"]
[Date "2026.10.03"]
[Round "2"]
[White "van het Westeinde,Nick"]
[Black "Vink,Bas"]
[Result "1/2-1/2"]
[BlackRating "1908"]
[PlyCount "106"]
[WhiteCountry "nl"]
[BlackCountry "nl"]
1. 33-28 18-23 2. 39-33 12-18 3. 44-39 7-12 4. 50-44 1-7 5. 34-30
17-21 6. 30-25 21-26 7. 31-27 20-24 8. 37-31 26x37 9. 42x31 14-20
10. 25x14 9x20 11. 40-34 24-29 12. 33x24 20x40 13. 45x34 4-9
14. 41-37 10-14 15. 34-30 5-10 16. 39-33 15-20 17. 44-39 20-24
18. 47-42 11-17 19. 30-25 10-15 20. 49-44 17-22 21. 28x17 12x21
22. 31-26 7-12 23. 26x17 12x21 24. 33-28 2-7 25. 38-33 7-12 26. 43-38
14-20 27. 25x14 9x20 28. 48-43 $2 ( {[%ball] Er staat een mooie
klassieke stand op het bord. Voor wit is er nog niet veel aan de
hand, al moeten de schijven op 36 en 46 nog in het spel worden
gebracht. Juist daarom roept 28.48-43? een belangrijke vraag op:
waarom speelt Nick nu al zijn kroonschijf op? In een klassieke stand
mag dat alleen met een duidelijke reden. De formatie 48/43/37 is
namelijk van levensbelang voor de ontwikkeling van wits lange vleugel
en geeft wit de mogelijkheid om de schijven op 36 en 46 goed in het
spel te brengen. Met 48-43 wordt die formatie zonder noodzaak
opgegeven. Kingsrow geeft 28.44-40 als zorgvuldiger plan: } 28. 44-40
24-30 29. 35x24 20x29 30. 33x24 19x30 31. 28x19 13x24 32. 40-35 15-20
{[%aall] Wit houdt zo zijn belangrijke formatie intact en de stand
blijft goed verdedigbaar. } ) 28... 3-9 29. 46-41 ( {[%ball] Na
29.46-41? wordt pijnlijk duidelijk hoeveel invloed het eerdere
opspelen van de kroonschijf heeft. Doordat de formatie 48/43/37 is
verdwenen, mist wit de natuurlijke manier om zijn lange vleugel te
ontwikkelen. Schijf 46 wordt nu wel naar 41 gebracht, maar helpt de
witte stand niet vooruit: de schijven blijven elkaar in de weg staan
en zwart krijgt steeds meer ruimte. Kingsrow probeert aan de andere
kant van het bord nog compensatie te vinden met } 29. 44-40 21-26
30. 40-34 24-29 31. 33x24 20x40 32. 35x44 15-20 33. 46-41 20-24
{[%aall] Wit dwingt daarmee ruilen af en houdt nog enige
bewegingsvrijheid. De partijzet 29.46-41 maakt de witte positie juist
moeilijker. Het leerpunt is dat een verzwakte klassieke formatie vaak
niet met nóg een ontwikkelingszet kan worden hersteld; dan moet eerst
elders tegenspel of compensatie worden gezocht. } ) 29... 9-14
30. 37-31 21-26 31. 41-37 20-25 32. 44-40 14-20 33. 28-22 ( {[%ball]
Kingsrow 1.63: } 33. 27-22 18x27 34. 31x22 12-18 35. 22-17 18-22
36. 40-34 22x11 37. 34-30 25x34 {[%aall] (-+ (-1.24);-2.04/31) } )
33... 6-11 34. 33-28 ( {[%ball] Na 33...6-11 is de witte stand al
zeer moeilijk. Met 34.33-28? houdt Nick de spanning vast, waarna
zwart met 34...24-30 een sterke afwikkeling krijgt en de partij
vrijwel geforceerd naar winst voert. Kingsrow probeert daarom met
34.27-21 nog een wanhoopsoffer: } 34. 27-21 26x28 35. 33x22 18x27
36. 31x22 24-30 37. 35x24 19x30 38. 39-33 12-17 {[%aall] Wit geeft
bewust materiaal en vaste steunpunten prijs om de stand open te
breken. Objectief blijft zwart duidelijk beter staan, maar het spel
wordt minder gesloten en daardoor praktisch lastiger te controleren.
Het offer redt de partij dus niet, maar geeft Nick nog de beste kans
om verwikkelingen te creëren. Het leerpunt is dat een wanhoopsoffer
in een vrijwel verloren stand zinvol kan zijn wanneer gewoon
doorspelen alleen tot een rustige, zekere winst voor de tegenstander
leidt. } ) 34... 24-30 35. 35x24 20x29 36. 40-35 19-24 37. 28x30
25x34 38. 39x30 29-33 39. 38x29 16-21 40. 27x7 18x47 41. 7x9 47x3
{[*]} {[%ball] Na 41...47x3 werd de partij remise gegeven, maar dat
is moeilijk te begrijpen: Bas staat hier volledig gewonnen. Zijn dam
beheerst het bord, terwijl de witte schijven nauwelijks nog tot
samenhangend tegenspel komen. Kingsrow laat een overtuigend winstplan
zien: } 42. 30-24 3-25 43. 43-38 25-30 44. 38-32 30x19 45. 31-27 8-12
46. 27-22 19-2 47. 22-17 12x21 48. 36-31 2-13 49. 32-28 13x36
50. 28-23 36-13 51. 37-32 13-18 52. 23x12 21-27 53. 32x21 26x8
{[%aall] Zwart gebruikt zijn dam actief, ruimt de witte schijven
gecontroleerd op en laat geen remisekans toe. Het leermoment is
duidelijk: beoordeel vóór een remiseaanbod altijd eerst de concrete
mogelijkheden, zeker wanneer de eigen dam het bord domineert. }
1/2-1/2
[Event "Nationale Clubcompetitie KNDB 2026/2027"]
[Site "?"]
[Date "2026.10.03"]
[Round "2"]
[White "Kok,Julian (Wrddammers)"]
[Black "van Gelder,Leo"]
[Result "0-1"]
[BlackRating "1629"]
[PlyCount "108"]
[BlackCountry "nl"]
1. 32-28 17-22 2. 28x17 11x22 3. 33-28 22x33 4. 39x28 19-23 5. 28x19
14x23 6. 44-39 10-14 7. 37-32 14-19 8. 41-37 5-10 9. 46-41 10-14
10. 34-30 6-11 11. 39-33 1-6 12. 49-44 11-17 13. 44-39 7-11 14. 50-44
2-7 15. 30-25 20-24 16. 31-27 14-20 17. 25x14 9x20 18. 33-28 17-22
19. 28x17 11x31 20. 36x27 12-17 21. 39-33 7-12 22. 44-39 4-9
23. 41-36 9-14 24. 47-41 3-9 25. 36-31 17-22 26. 41-36 6-11 27. 27-21
( {[%ball] Met 27.27-21? maakt Julian een klassieke beginnersfout. De
ruil lijkt eenvoudig, maar vóór iedere ruil moet je controleren of de
tegenstander daarna geen zetje heeft. Na 27...16x27 28.32x21 kan
zwart namelijk 28...22-28 spelen. Zwart geeft daarbij één schijf weg,
waarna 29.33x22 18x16 volgt en hij twee schijven terugslaat. Zo wint
zwart per saldo een schijf en krijgt het meteen de betere stand. Deze
vaste controle vóór het uitvoeren van een zet heet zetcontrole: kijk
eerst naar alle slagmogelijkheden die na jouw geplande zet ontstaan.
Kingsrow geeft 27.31-26 als het rustige alternatief: } 27. 31-26
22x31 28. 36x27 20-25 29. 33-28 14-20 30. 28-22 24-30 31. 35x24 20x29
{[%aall] Daarmee blijft de stand geheel in evenwicht } ) 27... 16x27
28. 32x21 22-28 29. 33x22 18x16 30. 37-32 13-18 31. 39-33 9-13
32. 43-39 11-17 33. 31-26 ( {[%ball] Een schijf achterstaan is
natuurlijk al vervelend, maar dan is het extra belangrijk om de
overgebleven schijven zo actief mogelijk neer te zetten. Met
33.31-26? helpt Julian zijn tegenstander eigenlijk: de schijf gaat
naar de rand, zwart kan de witte lange vleugel verder vastleggen en
Leo krijgt een overzichtelijk plan zonder veel risico. Kingsrow kiest
daarom voor } 33. 33-28 17-22 34. 28x17 12x21 35. 31-27 24-30
36. 35x24 20x29 37. 40-35 8-12 {[%aall] Zwart blijft duidelijk beter
staan, maar wit brengt zoveel mogelijk schijven naar het centrum en
houdt meer ruilen en tegenacties in de stand. Het praktische plan is
eenvoudig: centraliseer de schijven, maak de stelling zo lastig
mogelijk en hoop dat de tegenstander bij het benutten van zijn extra
schijf een fout maakt. } ) 33... 17-21 34. 26x17 12x21 35. 39-34 (
{[%ball] Met 35.39-34? loopt Julian opnieuw in een één-om-twee. Leo
kon direct toeslaan met 35...24-29 36.33x24 19x39. Zwart geeft met
24-29 één schijf, maar slaat daarna via 19x39 twee witte schijven
terug en wint zo een tweede schijf. Leo zag deze mogelijkheid niet en
speelde 35...8-12, waardoor Julian nog in de partij bleef. Kingsrow
geeft voor wit 35.42-37 als een taaiere verdediging: } 35. 42-37 8-12
36. 48-42 21-26 37. 32-27 12-17 38. 37-32 17-21 39. 33-28 24-30
{[%aall] Zwart blijft duidelijk beter, maar wit voorkomt de directe
materiaalwinst en houdt zijn schijven beter bij elkaar. Het leerpunt
sluit aan bij de eerdere fout op zet 27: voer vóór iedere zet een
volledige zetcontrole uit. Kijk niet alleen naar wat de eigen zet
doet, maar vooral welke offers en meerslagen de tegenstander daarna
krijgt. } ) 35... 8-12 ( {[%ball] hier kon Leo met } 35... 24-29
36. 33x24 19x39 {[%aall] een tweede schijf winnen. Met twee schijven
voorsprong zou de partij zo goed als beslist zijn geweest. Hij liet
die kans liggen, } 37. 42-37 20-24 38. 37-31 8-12 39. 31-26 21-27
40. 32x21 16x27 {[%aall] met een duidelijke winst voor zwart. } )
36. 34-30 21-26 37. 33-28 12-17 ( {[%ball] maar stond na 37.33-28 nog
altijd gewonnen. Kingsrow geeft het concrete vervolg } 37... 23-29
38. 36-31 26x37 39. 32x41 18-23 40. 40-34 23x43 41. 34x23 19x28
42. 30x17 {[%aall] . Leo koos echter voor 37...12-17? en wonderlijk
genoeg is de stand daarna analytisch remise. Dit laat zien wat
doorvechten kan opleveren. Julian stond een schijf achter en was
opnieuw ontsnapt aan verder materiaalverlies, maar bleef zijn
tegenstander voor problemen stellen. Eén onnauwkeurige zet was genoeg
om de partijbeoordeling volledig te veranderen. Het leerpunt is
daarom simpel: geef een moeilijke partij niet te vroeg op, want
zolang de winst nog moet worden bewezen, kan er altijd een nieuwe
kans ontstaan. } ) 38. 48-43 ( {[%ball] Met 38.48-43? laat Julian een
kans op remise liggen. Vanaf dat moment geeft Leo de winst niet meer
uit handen. Toch bevat de stand vlak vóór deze fout een fraaie en
leerzame redding. Kingsrow begint met } 38. 36-31 26x37 39. 42x31
17-21 40. 31-27 23-29 41. 48-42 20-25 42. 28-22 25x34 43. 22-17 21x12
44. 27-22 18x27 45. 32x21 16x27 46. 38-33 29x47 47. 40x7 {[%aall] Wit
laat schijf 36 bewust slaan en neemt daarna terug met schijf 42.
Vervolgens zorgt de actieve schijf op 27 voor voldoende tegenspel.
Door de gedwongen ruilen verdwijnt genoeg materiaal van het bord en
blijft de stand analytisch remise. De belangrijkste les is dat je in
een moeilijke stand niet krampachtig aan iedere schijf hoeft vast te
houden. Soms ligt de redding juist in een berekende afwikkeling die
het gevaar uit de stelling haalt. } ) 38... 17-21 39. 40-34 21-27
40. 32x21 16x27 41. 43-39 23x43 42. 39x48 20-25 43. 48-43 18-22
44. 43-38 24-29 45. 34x23 25x34 46. 23-18 15-20 47. 18x9 14x3
48. 38-33 22-28 49. 33x31 26x48 50. 45-40 34x45 51. 35-30 48x25
52. 36-31 45-50 53. 31-26 25-43 54. 26-21 43x16 0-1
[Event "Nationale Clubcompetitie KNDB 2026/2027"]
[Site "?"]
[Date "2026.10.03"]
[Round "2"]
[White "Kolesnikov,Sergey"]
[Black "Oste,Kees"]
[Result "1-0"]
[BlackRating "1778"]
[PlyCount "99"]
1. 32-28 18-23 2. 34-30 23x32 3. 37x28 19-24 4. 30x19 14x32 5. 38x27
17-21 6. 42-38 21x32 7. 38x27 10-14 8. 41-37 5-10 9. 46-41 11-17
10. 47-42 17-21 11. 42-38 21x32 12. 37x28 16-21 13. 41-37 21-26
14. 35-30 20-25 15. 40-35 25x34 16. 39x30 12-18 17. 37-32 26x37
18. 32x41 7-12 19. 41-37 1-7 20. 30-25 14-19 21. 44-39 10-14
22. 50-44 6-11 {[%ball] Tot dit moment is er voor Sergey nog niets
aan de hand. Met } 23. 38-32 {[%aall] Gaat het echter tactisch mis:
wit loopt in een twee-om-drie en verliest daardoor een schijf. Dat
maakt deze stand vooral een moment voor zetcontrole. Voordat 38-32
wordt gespeeld, moet wit nagaan welke slagwendingen zwart na de ruil
tot zijn beschikking krijgt. } $2 ( {[%ball] Kingsrow laat zien dat }
23. 39-34 {[%aall] de stand eenvoudig in evenwicht houdt: } 19-24
24. 37-32 11-17 25. 34-30 13-19 26. 44-39 18-23 27. 39-34 14-20
{[%aall] Wit ontwikkelt zijn korte vleugel, houdt de schijven goed
verbonden en geeft zwart geen tactische mogelijkheid om materiaal te
winnen. Het leerpunt is helder: positioneel is de stand gezond, maar
één onvoldoende gecontroleerde ontwikkelingszet kan door een
twee-om-drie direct een schijf kosten. } ) 23... 14-20 24. 25x23
18x27 25. 43-38 11-16 26. 39-33 7-11 27. 44-39 16-21 28. 49-43 11-16
29. 37-32 21-26 30. 32x21 26x17 31. 48-42 17-22 32. 28x17 12x21
33. 42-37 2-7 34. 38-32 7-12 35. 45-40 4-10 36. 43-38 10-14 37. 35-30
13-18 38. 37-31 9-13 39. 40-34 14-20 40. 31-27 ( {[%ball] Een
opmerkelijk moment. Met 40.31-27? speelt Sergey een zwakke zet,
waardoor het voordeel van Kees alleen maar verder oploopt. Taaier was
} 40. 34-29 21-26 41. 31-27 3-9 42. 29-24 20x29 43. 33x24 26-31
44. 27-21 16x27 {[%aall] Ook dan blijft zwart gewonnen staan en
normaal gesproken zou deze keuze de uitslag niet meer mogen
veranderen. Toch kantelt de partij één zet later volledig. } )
{[%ball] Kees speelt } 40... 20-25 {[%aall] en daarna is de stand
analytisch remise. } $2 ( {[%ball] Met } 40... 20-24 41. 30x19 13x24
42. 34-29 15-20 43. 39-34 3-9 44. 34-30 24x35 45. 33-28 {[%aall] had
zwart de winst vastgehouden. Het leerpunt is wonderlijk maar
belangrijk: zelfs een steeds groter voordeel kan door één
onnauwkeurige zet verdwijnen. Blijf daarom ook in een gewonnen stand
de forcing zetten controleren } ) ( {[%ball] Flits 3.1: } 40... 20-24
41. 30x19 13x24 42. 34-29 3-9 43. 29x20 15x24 44. 33-28 12-17
45. 38-33 8-13 {[%aall] (-+ (-1.92);-0.02/13) } ) 41. 30-24 3-9
42. 36-31 ( {[%ball] Nu de remise aan de horizon verschijnt, gaat
Sergey opnieuw in de fout met 42.36-31??. Aangewezen was } 42. 34-29
12-17 43. 27-22 17x37 44. 24-19 13x24 45. 29x20 15x24 46. 38-32 37x28
{[%aall] Na deze scherpe afwikkeling is het spel gelijkwaardig en kan
wit de remise veiligstellen. } ) 42... 21-26 ( {[%ball] Door de
partijzet krijgt Kees opnieuw de kans om de punten op te eisen. Met }
42... 12-17 43. 34-29 9-14 44. 39-34 14-19 45. 24-20 25x14 46. 34-30
19-23 47. 29-24 {[%aall] staat zwart gewonnen. Maar Kees kiest voor
42...21-26??, een behoorlijke blunder, waarna Sergey met 43.24-19
doorbreekt en zelfs wint. Een merkwaardige en dramatische partij:
Kees komt gewonnen te staan, geeft de winst weg, krijgt haar opnieuw
aangeboden en verliest uiteindelijk zelfs. Hoe dramatisch wil je het
hebben? } ) 43. 24-19 26x28 44. 33x22 13x24 45. 22x2 9-14 46. 2x35
12-17 47. 35-49 14-20 48. 38-33 20-24 49. 27-22 17x28 50. 33x22 1-0
[Event "Nationale Clubcompetitie KNDB 2026/2027"]
[Site "?"]
[Date "2026.10.03"]
[Round "2"]
[White "Verboon,Arjen"]
[Black "Kolesnikova,Anastacia"]
[Result "0-1"]
[WhiteRating "1736"]
[PlyCount "68"]
[WhiteCountry "nl"]
1. 32-28 18-23 2. 34-29 23x34 3. 40x29 12-18 4. 37-32 7-12 5. 41-37
1-7 6. 39-34 17-21 7. 45-40 21-26 8. 31-27 18-23 9. 29x18 13x31
10. 36x27 9-13 11. 44-39 4-9 12. 50-45 12-18 13. 37-31 26x37
14. 42x31 7-12 15. 34-29 19-23 16. 28x19 14x34 17. 40x29 10-14
18. 47-41 5-10 19. 41-37 14-19 20. 46-41 10-14 21. 49-44 19-23
22. 44-40 23x34 23. 40x29 20-24 24. 29x20 15x24 25. 32-28 ( {[%ball]
Kingsrow 1.63: } 25. 45-40 13-19 26. 40-34 8-13 27. 41-36 2-8
28. 34-30 18-23 29. 27-21 16x27 {[%aall] (= (0.00);-0.76/26) } )
25... 14-19 ( {[%ball] Kingsrow 1.63: } 25... 18-22 26. 27x7 24-29
27. 33x24 8-12 28. 7x18 13x44 29. 43-39 44x42 30. 31-26 {[%aall] (-+
(-0.76);0.00/27) } ) 26. 39-34 18-23 27. 37-32 12-18 28. 31-26 8-12
29. 41-37 ( {[%ball] Kingsrow 1.63: } 29. 45-40 3-8 30. 34-30 11-17
31. 27-21 16x27 32. 32x21 23x32 33. 38x27 18-23 {[%aall] (=
(-0.06);-2.24/27) } ) 29... 2-8 ( {[%ball] Kingsrow 1.63: }
29... 24-29 30. 33x24 19x39 31. 28x17 11x33 32. 43x34 9-14 33. 32-27
14-20 34. 48-42 {[%aall] (-+ (-2.24);-0.01/29) } ) 30. 37-31 (
{[%ball] Kingsrow 1.63: } 30. 34-30 12-17 31. 27-21 16x27 32. 32x12
23x41 33. 12x14 9x20 34. 30x19 13x24 {[%aall] (= (-0.01);-0.46/29) }
) 30... 12-17 31. 43-39 ( {[%ball] Kingsrow 1.63: } 31. 34-30 8-12
32. 43-39 3-8 33. 45-40 17-21 34. 26x17 12x21 35. 48-43 21-26
{[%aall] (-/+ (-0.44);-1.80/29) } ) 31... 9-14 32. 34-30 ( {[%ball]
Kingsrow 1.63: } 32. 28-22 17x37 33. 31x42 8-12 34. 42-37 12-17
35. 37-31 17-21 36. 26x17 11x22 {[%aall] (-+ (-1.80);-4.99/29) } )
32... 24-29 33. 33x24 17-21 34. 26x17 11x44 0-1
[Event "Nationale Clubcompetitie KNDB 2026/2027"]
[Site "?"]
[Date "2026.10.03"]
[Round "2"]
[White "Kolesnikova,Svetlana"]
[Black "Kon,Ruben"]
[Result "0-1"]
[BlackRating "1839"]
[PlyCount "80"]
[BlackCountry "nl"]
1. 32-28 19-23 2. 28x19 14x23 3. 34-29 23x34 4. 40x29 10-14 5. 37-32
5-10 6. 41-37 14-19 7. 46-41 10-14 8. 44-40 18-23 9. 29x18 12x23
10. 50-44 7-12 11. 32-28 23x32 12. 37x28 12-18 13. 41-37 1-7
14. 37-32 7-12 15. 40-34 18-23 16. 44-40 ( {[%ball] Kingsrow 1.63: }
16. 34-29 23x34 17. 39x30 20-24 18. 44-39 12-18 19. 30-25 2-7
20. 45-40 18-23 {[%aall] (= (0.00);-1.82/25) } ) 16... 12-18 (
{[%ball] Kingsrow 1.63: } 16... 23-29 17. 33x24 20x29 18. 34x23 17-22
19. 28x17 19x26 20. 40-34 11x22 21. 34-30 {[%aall] (-+
(-1.82);0.02/26) } ) 17. 42-37 17-21 18. 31-27 21-26 19. 47-42 11-17
20. 35-30 20-24 21. 30-25 17-21 22. 40-35 8-12 23. 49-44 ( {[%ball]
Kingsrow 1.63: } 23. 34-29 23x34 24. 39x30 18-23 25. 43-39 14-20
26. 25x14 9x20 27. 30-25 4-9 {[%aall] (= (-0.04);-2.16/28) } )
23... 2-8 ( {[%ball] Kingsrow 1.63: } 23... 24-29 24. 33x24 19x30
25. 28x17 21x12 26. 35x24 14-20 27. 25x14 9x49 28. 39-33 {[%aall] (-+
(-2.16);-0.02/27) } ) 24. 44-40 14-20 25. 25x14 9x20 26. 34-30 4-9
27. 30-25 9-14 28. 40-34 24-30 29. 35x24 20x40 30. 45x34 12-17
31. 27-22 18x27 32. 33-29 ( {[%ball] Kingsrow 1.63: } 32. 37-31 26x37
33. 42x11 6x17 34. 34-29 23x34 35. 39x30 8-12 36. 43-39 12-18
{[%aall] (= (0.03);-7.12/30) } ) 32... 3-9 33. 29x18 13x44 34. 34-29
44-50 35. 29-23 19x28 36. 32x23 27-31 37. 36x27 21x41 38. 42-37 41x32
39. 38x27 50-45 40. 23-18 45x1 0-1